Verkeersbelasting berekenen


Allright, je hebt je eigen wagen! Maar daar komen natuurlijk ook extra kosten bij kijken. Allereerst moet je het voertuig verzekeren én goed laten onderhouden door de garage. Maar iets dat vaak vergeten wordt: de overheid zal ook een jaarlijkse verkeersbelasting berekenen, die jij dan mag betalen. Hoe hoog die taks is, verschilt per voertuig.

Voor welke voertuigen geldt de verkeersbelasting?

Wel, dat is eigenlijk vrij simpel. Elk motorvoertuig dat in België wordt ingeschreven bij de Dienst voor Inschrijving van Voertuigen (DIV) betaalt elk jaar een autotaks. Op die manier mag je met dat voertuig personen en goederen over de weg vervoeren. En betaal je mee aan het onderhoud van al die kilometers aan openbare wegen.

Voor de volgende voertuigen berekent de overheid een jaarlijkse verkeersbelasting:

  • Personenwagens
  • Auto’s voor dubbel gebruik van zowel personen als goederen
  • Minibussen
  • Motorfietsen, trikes en quads met een cilinderinhoud van meer dan 250 cc
  • Lichte vrachtwagens en klassieke vrachtwagens
  • Aanhangwagens en opleggers met een maximum toegelaten massa van minder dan 3.500 kilogram.

De verkeersbelasting berekenen, hoe doe je dat?

Om te beginnen moet je kijken naar de plek waar je woont. De verkeersbelasting hangt af van waar je gedomicilieerd bent. Woon je in het Vlaams Gewest? Dan zal de Vlaamse Belastingdienst zich bezighouden met het berekenen van de autotaks. Ben je daarentegen een Nederlandstalige die pakweg een appartementje heeft in Brussel? Dan zal het Brussels Hoofdstedelijk Gewest je verkeersbelasting berekenen en opsturen.

Goed om weten: als startdatum voor het berekenen van de verkeersbelasting wordt altijd het moment van inschrijving van je wagen genomen. Met andere woorden: de datum die op je gele of roze inschrijvingsbewijs staat. De overheid gaat er namelijk logischerwijze van uit dat je vanaf dat moment de openbare weg begint te gebruiken. Als je dus bijvoorbeeld een paar weken wacht om je nieuwe, ingeschreven auto bij de garage af te halen, zal je voor die periode toch de jaarlijkse autotaks moeten betalen.

Laten we dan eens kijken naar de wagen zelf. De Vlaamse Belastingdienst maakt een belangrijk onderscheid tussen personenauto’s die je zelf koopt of in leasing gebruikt. Als de wagen op jouw eigen naam staat, zal de Vlaamse overheid de verkeersbelasting op een nieuwe wagen berekenen op basis van drie factoren.

Beginnen doet men met het fiscale vermogen van de auto. In mensentaal is dit de paardenkracht van het voertuig en drukt het uit hoe sterk de motor is. Hoe hoger dit getal, hoe hoger de autotaks zal zijn.

Aan deze basis wordt vervolgens een ‘groene laag’ toegevoegd, die ook wel de ecomali en ecoboni worden genoemd. Dit kan er zowel voor zorgen dat je meer of minder betaalt. De Vlaamse overheid kijkt daarbij naar twee extra zaken:

  • De CO2-uitstoot van je wagen. Dit is de hoeveelheid kooldioxidedampen die je auto door het verbranden van de brandstof in de lucht blaast. Ook hier zal men een hogere verkeersbelasting berekenen, als je voertuig meer gram CO2 uitstoot.
  • De euronorm van je wagen. Sinds 1992 heeft Europa milieueisen qua maximale hoeveelheden aan schadelijke stoffen, die auto’s mogen veroorzaken. Deze zijn doorheen de jaren strenger geworden, waarbij het nummer achter de euronorm telkens hoger werd. De meest recente norm is euronorm 6. Hoe hoger het getal van de norm waaraan je auto voldoet, hoe lager de autotaks die de overheid zal berekenen. Denk er wel aan: diesel wordt altijd zwaarder belast dan benzine of andere brandstoffen.

Als je een leasingwagen van de zaak hebt, is het berekenen van de verkeersbelasting iets eenvoudiger. Daarvoor houdt de Vlaamse overheid namelijk vast aan de klassieke methode. Concreet wordt er dan enkel gekeken naar de fiscale pk’s of het vermogen van de auto, zonder de milieu-impact. Diezelfde simpele methode gebruikt men trouwens ook nog altijd in Wallonië en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. En dat zowel als je de wagen hebt gekocht, als wanneer je deze aan het leasen bent.

Belangrijk nog: al deze regels die je hierboven hebt gelezen, gelden enkel voor voertuigen die zijn ingeschreven vanaf 1 januari 2016. Voor oudere wagens blijft men de verkeersbelasting berekenen volgens de oudere manier, op basis van de fiscale pk’s.

En heb je een nieuwe wagen gekocht, maar hou je de nummerplaat van je vorige bolide? Dan zal de belastingdienst automatisch de autotaks berekenen voor het nieuwe voertuig en rekening houden met hoeveel verkeersbelasting je al hebt betaald voor het oude voertuig. Zelf hoeft je daar niets voor te doen.

verkeersbelasting

Is er een andere verkeersbelasting voor bepaalde voertuigen?

Als je rondrijdt met een oldtimer, betaal je enkel een zogenaamde forfaitaire jaarlijkse verkeersbelasting. Dit is een vast bedrag voor elke oldtimer, zonder dat men kijkt naar fiscale pk’s of milieukenmerken. Daarvoor moet je trouwens niet eens rondrijden met een speciale oldtimer-nummerplaat. De enige voorwaarde is dat de eerste inschrijving van je wagen minstens 27 jaar geleden gebeurde. Verder hoef jij niets te doen: de overheid regelt alles automatisch. Ook voor kampeer- en bootaanhangwagens geldt dit trouwens.

Heb je gekozen voor een wagen die enkel en alleen op elektriciteit of waterstof rijdt? Dan betaal je helemaal geen jaarlijkse verkeersbelasting. Ook voor voertuigen die op aardgas rijden of plug-in hybride is dat trouwens het geval. Maar daar zal men vanaf 2021 wel beginnen met verkeersbelasting te berekenen. Denk er wel aan: dit alles geldt niet als je de wagen in leasing gebruikt.

En rijd je met een wagen op LPG? Dan zal de Vlaamse Belastingdienst naast de klassieke jaarlijkse autotaks ook een aanvullende verkeersbelasting berekenen. Zelf hoef je hier niets voor te doen: de overheid ontvangt automatisch je gegevens via de Dienst voor Inschrijvingen van Voertuigen (DIV) of de autokeuring. De hoogte van de aanvullende verkeersbelasting, die hangt volledig af van het aantal fiscale pk’s van je wagen.

In welke persoonlijke gevallen moet ik de verkeersbelasting niet betalen?

Ook dit hangt af van je woonplaats. Het Vlaams Gewest zal bijvoorbeeld geen autotaks berekenen als:

  • … je het voertuig enkel en alleen gebruikt als om een persoon met een handicap te vervoeren. De voorwaarden hiervoor zijn specifiek. Je moet zelf een invaliditeitsattest met vermelding van vrijstelling op de verkeersbelasting aanvragen bij de FOD Sociale Zekerheid. Zij bekijken dan voor jou of je onder de voorwaarden valt en dus geen verkeersbelasting moet betalen.
  • … je oorlogsinvalide bent, met een invaliditeitspensioen van minimaal 60%. Uitzonderingen op dit percentage worden gemaakt onder bepaalde omstandigheden. Ook hiervoor moet je zelf een attest aanvragen bij de Pensioendienst van de overheidsdienst die het pensioen heeft toegekend.

Hoe regel je de betaling van de verkeersbelasting?

De belastingdienst van het gewest in kwestie zal je automatisch een brief bezorgen. Hierop staat het bedrag van je jaarlijkse verkeersbelasting. Die autotaks moet ten laatste twee maanden na het opsturen van het aanslagbiljet worden betaald, op het rekeningnummer van de belastingdienst. Beide gegevens worden duidelijk in de brief vermeld. Denk eraan dat je bank een paar dagen nodig heeft om het geld op de rekening van de belastingdienst te zetten. Schrijf dus op tijd over!

Betaal je te laat? Dan kan de overheid extra nalatigheidsinteresten aanrekenen en zelfs een gerechtsdeurwaarder inschakelen. De politie zal je dankzij hun slimme camera’s met nummerplaatherkenning mogelijk ook aan de kant zetten. In dit geval kunnen ze je verplichten om onmiddellijk de verkeersbelasting te betalen.

Kun je bezwaar maken op de verkeersbelasting?

Absoluut. Ben je niet akkoord met de autotaks die de overheid voor je berekend heeft, dan kun je een bezwaarschrift indienen. Belangrijk is wel dat je alles goed motiveert, voorziet van de nodige bewijsstukken en ook de nodige gegevens zoals je naam en rijksregisternummer meestuurt. Onderteken zeker ook je brief.

Het bezwaar op je verkeersbelasting dien je vervolgens in bij de Vlaamse Belastingdienst, op een van de volgende drie manieren:

  • Opsturen naar Vaartstraat 16, 9300 Aalst,
  • faxen naar 053/72.23.75,
  • bezorgen via het online loket.

Hiervoor heb je drie maanden plus drie werkdagen de tijd, na de verzenddatum die op het aanslagbiljet staat.

Wat met de verkeersbelasting bij het schrappen van je nummerplaat?

De autotaks en de inschrijving van je auto hangen nauw aan elkaar samen. Als je je wagen niet meer gebruikt, is het dus belangrijk om de nummerplaat terug aan de DIV te bezorgen. Op die manier schrijf je je auto uit, wat zeker aangeraden is als je niet van plan bent om een nieuwe auto te kopen. Doe je dit niet, dan zal de belastingdienst je verkeersbelasting verder blijven berekenen.

De Dienst voor Inschrijving van Voertuigen bezorgt je nadien nog een schrappingsattest. Zelf brengen ze voor jou de Vlaamse Belastingdienst op de hoogte. Die kijken vervolgens op hun beurt na of een deel van de verkeersbelasting door hen moet worden terugbetaald. Hou er daarbij wel rekening mee dat de autotaks wordt berekend per begonnen maand en dus niet per dag. En een forfaitaire verkeersbelasting, die wordt sowieso nooit terugbetaald.

In dit artikel